Voorkennis activeren

Een les is altijd een onderdeel van een geheel. In veel gevallen een aantal opeenvolgende lessen. Belangrijk is dus ook dat je een les op deze manier benadert. Voorkennis activeren is hierbij een mogelijkheid.

Zorg dat je aan het begin van de les altijd start met een terugblik op de vorige les. Dit kan zijn door in je introductie een stuk terug te halen maar dit kan ook met een didactische werkvorm. Het is goed om leerlingen na te laten denken over wat er in de vorige les is geleerd.

Klik hier voor een aantal werkvormen om de voorkennis van de leerlingen te activeren.

Startopdracht
Je kunt er voor kiezen om te beginnen met een korte startopdracht. Doel is om de leerlingen meteen bij de les, de stof, het onderwerp te betrekken. Een startopdracht kan een terugblik zijn naar de vorige les(sen) of een vooruitblik naar wat er komen gaat.

Een paar voorbeelden:

“Noteer de kern van de vorige les op een leesbare manier (want ik loop rond en ben benieuwd) en bespreek dat met je buurman/-vrouw. Ik verzamel er enkele en vergelijk ze daarna met wat ik zelf dacht.”

“Als de vorige les geslaagd is, kun de volgende opdracht maken. Aan de slag. Ik loop rond en lees over je schouder mee.”

“Aan het eind van deze les wil ik dat je deze opdracht kunt maken. Maak hem nu en kijk hoever je al komt. En wat je nog nodig hebt om dit met succes te doen.”

Je kunt als startopdracht ook verschillende ICT-tools inzetten. Denk bijvoorbeeld aan Socrative in de vorm van een kleine toets of enkele vraag, Tagxedo om een wordcloud te maken of Mindmaster om een mindmap te maken.