Reflectiemoment

Reflectie is een belangrijk onderdeel van de afsluiting. De leerlingen kijken terug op de afgelopen les.  Dit kan zowel mondeling als schriftelijk gebeuren. Hier kan het portfolio een rol in spelen.

Reflecteren kunnen (de meeste) leerlingen niet vanzelf, dit moeten zij leren. De meest bekende reflectiemethode in het onderwijs is het spriraalmodel van Korthagen (2002). Het model gaat uit van een aantal reflectiefasen op basis waarvan je tot een goede reflectie kan komen. Deze vijf fasen zijn de volgende:

1 Je doet een ervaring op.
2 Je blikt terug op deze ervaring en daarbij betrek je aspecten van doen, denken, willen en
voelen.
3 Je wordt je bewust van essentiële aspecten die van invloed zijn op deze ervaring.
4 Je ontwikkelt alternatieve manieren van handelen of nieuwe oplossingen en kiest daaruit de
beste optie.
5 Je probeert een nieuwe handeling uit of doet een nieuwe ervaring op.

Om een leerling hierbij te helpen, kan je een leerling feedback geven of feedforward. Feedback is een boodschap over het gedrag of de prestaties van een ander. Hier geef je dus aan wat een leerling goed of fout heeft gedaan in het proces, maar ook wat betreft gedrag. Er is één fundamenteel probleem aan feedback geven (en krijgen). Het is gericht op gedrag uit het verleden, op situaties die al hebben plaatsgevonden en niet meer veranderd kunnen worden. Daarom is het vaak veel beter om feedforward te geven. Dat wil zeggen dat je vooraf aangeeft welk gewenst gedrag je van de leerling verwacht, gericht op een taak of situatie in de (nabije) toekomst. Een focus dus op hoe je het in de toekomst gaat doen en niet over hoe het in het verleden (fout) is gegaan.

Ook voor docenten is het belangrijk te reflecteren op je lessen. Op dit moment kan je bijvoorbeeld aan leerlingen feedback vragen over het verloop van de les. Dit kan gedaan worden aan de hand van een klassengesprek of bijvoorbeeld een enquête. Volgens Maurice van Werkhooven (2011) “zijn de observaties van leerlingen zo scherp, onontkoombaar en gedetailleerd, dat het voor docenten een ongeëvenaarde bron van verbetermogelijkheden is. Leerlingen kunnen, indien goed begeleid, vaak betere feedback geven dan welke professional, buitenstaander of collega dan ook. De belangrijkste voorwaarde om het proces succesvol te laten verlopen, is hen van het begin af aan in de rol van ‘critical friend’, opbouwende college te plaatsen.”.